Het boerenleven

Inspanningen voor het klimaat

img_4999Al enkele weken roepen klimaatbetogende tieners op om te stoppen met vlees eten. Journalisten zeggen dat de landbouw serieuze inspanningen zal moeten leveren voor het klimaat. Wel, betogers en journalisten, weten jullie wel écht hoeveel de invloed van de Vlaamse landbouw op het klimaat bedraagt? Weten jullie hoeveel én welke inspanningen de landbouw in Vlaanderen al heeft geleverd voor het klimaat? Neen, jullie weten dat niet, of jullie willen het niet weten. Ik vertel en toon jullie graag de inspanningen die we op ons melkveebedrijf al gedaan hebben. Het zijn maatregelen die al op heel wat bedrijven worden genomen. Er zijn er uiteraard nog veel meer, en we zijn bereid om zeker nog inspanningen te leveren, maar deze moeten realistisch en betaalbaar zijn. Maar vooral, het is niet alleen aan onze sector, maar aan iedereen: van industrie, energie en transport tot huishoudens, handel en diensten.

Weten jullie hoeveel de invloed van de Vlaamse landbouw op het klimaat bedraagt?

Om te beginnen maak ik het aandeel dat de Vlaamse landbouw heeft in de uitstoot van de broeikasgassen duidelijk, met cijfers van de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) uit 2016:

  • Industrie: 28 %
  • Energie: 22 %
  • Transport: 21 %
  • Huishoudens: 14 %
  • Land- en tuinbouw: 9 %
  • Handel en diensten: 5 %
  • Andere: 1 %

Met een aandeel van 9 % staat land- en tuinbouw op de vijfde plaats wat betreft de broeikasgasuitstoot in vergelijking met de andere sectoren. Wanneer we de Vlaamse landbouw bekijken ten opzichte van de wereldwijde landbouw zien we trouwens dat we het hier goed doen: volgens cijfers van IPCC uit 2014 bedraagt het aandeel van landbouw, bosbouw en ander landgebruik 24 %. We kunnen dus wel zeggen dat de landbouw het hier in Vlaanderen niet alleen zal moeten aanpakken.

Bovendien heeft de land- en tuinbouw in Vlaanderen zijn uitstoot van broeikasgassen tussen 1990 en 2016 met 20 % verminderd (VMM). Dit in tegenstelling tot de transportsector, dat zijn uitstoot op diezelfde periode met 28 % zag toenemen. Bij transport gaat het in de Vlaamse cijfers bijna enkel om wegvervoer: 97 % van de totale uitstoot van deze sector. Het spoor vertegenwoordigt slechts 0,3 %. Ook de scheepvaart en de luchtvaart zijn te verwaarlozen, maar let wel: het betreft hier enkel binnenlandse vaart en binnenlandse vluchten! Want cijfers uit een onderzoek van de Europese Commissie uit 2015 tonen dat, hoewel de luchtvaart en scheepvaart nu voor zo’n 5 en 3 % van de wereldwijde CO2-uitstoot verantwoordelijk zijn, dit tegen 2050 zou stijgen tot 22 en 17 %! Volgens een studie van Transport & Environment zal de verwachte aangroei van de luchtvaart en scheepvaart er tegen 2030 zelfs voor zorgen dat de inspanningen die het wegverkeer doet om de uitstoot te verminderen voor de helft zullen worden teniet gedaan. De luchtvaart en scheepvaart worden momenteel te weinig of zelfs geen maatregelen opgelegd!

Hierboven had ik het vooral over broeikasgassen in het algemeen, maar welke gassen zijn dit nu? Hét belangrijkste broeikasgas in België is CO2 of koolstofdioxide. Daarnaast hebben we nog CH4 of methaan, N2O of distikstofoxide en fluorhoudende gassen. De verdeling van deze gassen, volgens cijfers uit Belgium’s greenhouse gas inventory, uit 2017:

  • CO2 of koolstofdioxide: 85,2 %
  • CH4 of methaan: 7,0 %
  • N2O of distikstofoxide: 5,2 %
  • fluorhoudende gassen: 2,6 %

Het meest voorkomende broeikasgas in België is duidelijk CO2 of koolstofdioxide. Deze uitstoot komt voornamelijk uit de sectoren industrie, energie en verkeer. Slechts een beperkt deel van 3 % komt uit de landbouw. CH4 of methaan en N2O of distikstofoxide of lachgas komen wel grotendeels uit de landbouwsector, respectievelijk 72 en 58 % van de totale methaan- en lachgasuitstoot in Vlaanderen (VMM).

Wanneer we inzoomen op de uitstoot van de landbouwsector zien we dat van hun volledige broeikasgasuitstoot slechts een klein vierde CO2 betreft. Deze CO2 wordt uitgestoten bij energieverbruik en worden energiegerelateerde emissies genoemd. De belangrijkste emissies in de landbouw zijn echter niet energiegerelateerde of niet energetische emissies: CH4 of methaan en N2O of distikstofoxide, met respectievelijk zo’n 51 en 27 % (Voortgangsrapport 2015). Methaan ontstaat voornamelijk door de natuurlijke verteringsprocessen van runderen en door mestopslag en -toediening. Distikstofoxide of lachgas ontstaat eveneens bij mestopslag en -toediening, maar de bodem zorgt op zijn beurt dan ook voor een emissie.

img_4958

Weten jullie hoeveel én welke inspanningen de landbouw in Vlaanderen al heeft geleverd voor het klimaat?

Methaan zorgt dus voor meer dan de helft van de broeikasgasemissies uit de landbouwsector. Het verminderen van deze methaanuitstoot is een grote uitdaging, omdat het voornamelijk gevormd wordt door het natuurlijke verteringsproces van runderen. Er wordt volop verder onderzoek gedaan naar de optimalisatie van het voederrantsoen en de sturing van micro-organismen in het spijsverteringsstelsel van runderen. Maar er worden uiteraard al heel wat andere inspanningen gedaan om deze methaanuitstoot, alsook de lachgas- en koolstofdioxideuitstoot terug te dringen. Met succes trouwens, zoals eerder vermeld.

Om welke inspanningen gaat het nu? Hieronder krijgen jullie enkele inspanningen die we op onze boerderij al geleverd hebben en nog steeds leveren. Ik zal ze opdelen in de maatregelen tegen de niet energetische emissies, dus van methaan en lachgas, de maatregelen tegen de energetische emissies van koolstofdioxide én nog andere maatregelen voor het klimaat. Eerst dus de inspanningen tegen niet energetische emissies:

– Sinds 2003 wordt alle drijfmest van onze boerderij uitgevoerd met een mest injector. Eerst ter verduidelijking: drijfmest is een mengsel van vaste en vloeibare mest dat in mestkelders wordt gemengd, in tegenstelling tot stalmest dat een mengsel is van mest en stro. Wanneer drijfmest met een mest injector wordt uitgevoerd op het land, dan gebeurt de bemesting op een emissiearme wijze. De mest wordt namelijk vanuit de machine rechtstreeks in de bodem geinjecteerd.

– De bouw van een rundveestal kan niet zo emissiearm als een stal voor varkens en pluimvee. Toch zijn er mogelijkheden om de emissies te verminderen met 20 tot 45 %. Wij bouwden in 2013 een nieuwe melkveestal waarbij de koeien op roosters lopen (met mestkelder onder) en in ligboxen slapen. Deze roostervloeren zorgen voor minder emissies in vergelijking met volle vloeren met strooisel. In onze stal rijdt een mestrobot een 5-tal keer per dag rond om de mest door de spleten van de roostervloer in de mestkelder te duwen. Dit regelmatig verwijderen van de mest zorgt niet alleen voor een propere vloer maar ook voor een verlaging van de emissies.

– Elke dag zorgen we voor een zo optimaal mogelijk rantsoen voor onze koeien. Hoe beter en efficiënter voeder ze krijgen, hoe lager de emissies zijn. Het voederrantsoen wordt berekend aan de hand van analyses van het eigen kuilvoeder. Elke gras- en maïskuil wordt telkens onderzocht en zo wordt het rantsoen aangepast.

– Elke dag trachten we het management op ons melkveebedrijf te optimaliseren. Op deze manier zorgen we voor een hogere productiviteit van ons melkvee, wat op zijn beurt zorgt voor een lagere emissie. We zorgen ervoor dat onze runderen een optimaal welzijn en goede gezondheid hebben door vaccinaties tegen griep, kalverdiarree en BVD, bloedonderzoeken voor IBR en paratbc, aangename en hygiënische huisvesting van jong en oud, (half)jaarlijks scheren van alle runderen, (preventieve) klauwverzorging van alle koeien, goede en hygiënische melktechniek… We zorgen ervoor dat de vruchtbaarheid zo goed mogelijk gehouden wordt door een goede opvolging van elk rund, zodanig dat een vaars voor het eerst afkalft op een leeftijd van twee jaar en zodanig dat de tussenkalftijd en droogstand telkens beperkt blijft. We zorgen er ook voor dat we genetisch vooruitgang boeken door de toepassing van kunstmatige inseminatie en het aankopen van een stier van goede origine. Door alle goeie zorgen houden we onze dieren zo lang mogelijk aan.

In de toekomst zullen er zeker nog maatregelen volgen tegen de niet energetische emissies want er wordt, zoals ik al zei, volop verder onderzoek gedaan naar de optimalisatie van het voederrantsoen en de sturing van micro-organismen in het spijsverteringsstelsel van runderen, maar daarnaast ook naar nog meer emissiearme rundveestallen. Maar we hebben naast bovenstaande maatregelen ook al inspanningen gedaan tegen energetische emissies:

– De melk van onze koeien wordt opgeslagen in een melkkoeltank, maar voor de melk hierin terecht komt, passeert ze sinds 2014 door een melkvoorkoeler of platenkoeler. In deze koeler passeren warme melk en koud water zich in aparte ruimten in tegengestelde richting. Op deze manier koelt het water de melk af en warmt de melk het water op. De melk wordt hierdoor al gekoeld van lichaamstemperatuur tot ongeveer 20 °C. De melkkoeltank hoeft hierdoor de melk niet meer zo veel af te koelen waardoor er ongeveer 50 tot 60 % energie bespaard wordt. Het warme water gaat bovendien niet verloren want dit is ideaal drinkwater voor de koeien.

– De koelgroep van de melktank zorgt ervoor dat de melk vervolgens verder wordt afgekoeld. Via een warmtewisselaar gaat de warmte die uit de melk onttrokken wordt echter niet verloren maar wordt er water met opgewarmd en opgeslagen in een warmterecuperatievat. Hierdoor krijgen we water al verwarmd tot zo’n 50 °C, zonder dat er extra energie voor nodig was. Het water wordt in een boiler dan verder verwarmd tot een optimale temperatuur voor de reiniging van de melkmachine.

– Het nodige vacuüm om te melken wordt geregeld door een frequentieregelaar op de vacuümpomp. Deze frequentiesturing regelt het toerental van de vacuümpomp naargelang het vacuüm dat daadwerkelijk nodig is om te melken. Op deze manier wordt tot 80 % energie bespaard. Daarbovenop is er minder geluidsoverlast van de pomp en zorgt het stabiele vacuüm ook voor een betere uiergezondheid.

– In onze melkveestal en carrouselgebouw hebben we licht door magnetische inductielampen. Deze lampen besparen 30 tot 40 % energie in vergelijking met TL-lampen. LED lampen besparen tot 60 % in vergelijking met TL-verlichting maar zijn financieel nog niet altijd interessant. Tijdens de langste weken van het jaar hoeven deze lampen trouwens nooit te branden. We ontsteken ze met andere woorden enkel wanneer het te donker is bij de koeien, dit is in de winter bijvoorbeeld zo’n 3 uur ’s ochtends en 3 uur ’s avonds.

– We proberen voor het voederrantsoen van onze koeien zo veel mogelijk uit eigen kuilvoer te halen, waardoor de aankoop van krachtvoer beperkt wordt. Wij telen een groot aandeel gras en daarnaast maïs en ook wat voederbieten. In ons teeltplan zitten ook enkele hectaren vlinderbloemigen, meerbepaald grasklaver. Via dit gewas zorgen we voor eigen eiwitvoorziening op ons bedrijf. Zo worden er zo weinig mogelijk (buitenlandse) grondstoffen aangevoerd.

Er zijn ook nog andere inspanningen voor het klimaat, door op verschillende manieren duurzaam te werken op onze boerderij:

– Constant wordt het bedrijfsafval dat we hebben, zoals onder andere uierpapier, koorden en plastiek, gesorteerd op de correcte wijze. Op gepaste tijdstip gaan we met ons afval naar het gemeentelijk containerpark, waar alles zijn juiste plaats krijgt en op gepaste wijze verwerkt of gerecycleerd wordt. Bij het inzamelen van plastiek of landbouwfolie wordt een verschil gemaakt tussen silofolie en stretchfolie. De silofolie moet borstelschoon en samengebonden worden afgeleverd, de stretchfolie (folie van rond balen gras) in 400 liter vuilniszakken van PlastiCollect.

– Zowel onder onze jongvee- als melkveestal is er een put voorzien voor de opslag van regenwater. In deze regenwaterputten kunnen wij zo’n 275 000 liter regenwater opslaan, afkomstig van de daken. Dit water gebruiken wij dagelijks voor de reiniging van onze carrousel. Daarnaast worden alle machines afgespoten met regenwater. We zouden dit regenwater ook als drinkwater voor onze runderen kunnen gebruiken maar hierbij zijn er twee belangrijke opmerkingen. Ten eerste moeten we dan investeren in een filter en ontsmettingstoestel zodanig dat het water voldoet aan alle voorwaarden voor drinkwater. Ten tweede zal er, rekening houdend met de opslagmogelijkheden en de hoeveelheid regen dat er valt in ons land, niet voldoende water ter beschikking zijn om de runderen het hele jaar door drinkwater te geven.

– We hergebruiken water voor het reinigen van onze melkinstallatie. Voor deze reiniging hebben we enkele tientallen liters water nodig per keer (twee maal daags na het melken). Er gebeuren drie spoelingen: de voorspoeling om de resterende melk te verwijderen, de eigenlijk spoeling met warm water en de naspoeling. Het water van de naspoeling is eigenlijk redelijk proper en daarom wordt dit water aan het einde van de reiniging terug opgevangen in een reservoir. Dit water wordt dan voor de eerstvolgende voorspoeling opnieuw gebruikt. Al het vuile water van de reiniging van de melkmachine en melktank komt trouwens terecht in de mestkelder.

– Regelmatig laten we bodemanalyses uitvoeren van onze landbouwgronden, waarbij we dan ook een bemestingsadvies krijgen. Op deze manier wordt er meer op maat bemest en wordt de mineralenefficiëntie verbeterd. De geteelde gewassen halen er op hun beurt ook voordeel uit. Om erosie tegen te gaan worden er ook verschillende maatregelen genomen zoals niet-kerende bodembewerking en aanleg van grasstroken.

De landbouw is voor het klimaat

Zovele inspanningen en nog steeds de wil om mee te werken, ik hoop dan ook dat ik nergens nog lees of hoor dat de landbouw tegen het klimaat is. Het is ook gewoon al fout om dat te zeggen want de landbouwsector is net een sector die enorm afhankelijk is van het klimaat: hittegolven of extreme regenval zorgen ervoor dat gewassen verloren gaan. We hebben er dus alleen maar voordeel bij om mee te werken tegen de klimaatsverandering. Waarom de veestapel gewoon niet afbouwen, wordt wel eens gezegd… Wel, dat kan gewoon niet zomaar, dat is geen realistische oplossing. Melkveestallen zijn gebouwd om optimaal benut te worden, om ze op die manier te kunnen afbetalen. Hoe gaat iedereen dan bovendien aan voldoende, veilig en gezond voedsel raken? Verdere efficiëntie, moderne technologie en innovatie moeten de broeikasgasuitstoot uit onze sector verder reduceren.

De landbouw is dus voor het klimaat, meer nog, de landbouw is eigenlijk een deel van de oplossing. Grassen en andere gewassen nemen namelijk CO2 op in dezelfde mate als bomen. Grassen kunnen bovendien opgegeten worden door koeien en met deze voeding kunnen zij voor ons waardevolle voeding voorzien. Het is door die lekkere melk en dat heerlijke vlees dat ik dit artikel met gezond boerenverstand heb geschreven.

IMG_4278

Het grootste deel van dit bericht schreef ik met eigen kennis, daarnaast haalde ik informatie uit Klimaatmitigatie in landbouw (2016) door Maertens E., Dumez L. & Van Gijseghem D. van het Departement Landbouw en Visserij alsook uit Naar een duurzame zuivelsector in Europa – Ambities, projecten en resultaten in België (2018) door VLAM.

14 gedachtes over “Inspanningen voor het klimaat

  1. Woaw goed geschreven in verstaanbare boeretaal! Zodat wij consumenten er wat van verstaan. Proficiat. De meeste mensen weten niet meer wat het boerenleven inhoud en waarom jullie zo belangrijk voor ons allen zijn! We leven van jullie….

    Liked by 1 persoon

  2. Proficiat met dit artikel. Gelukkig, ik lust graag een stukje vlees en drink veel melk. Wist niet dat jullie al zo ver stonden. Dit artikel verdient verdere verspreiding … En zoals altijd moet je beide kanten van het verhaal horen en niet zomaar tegen ‘iets’ zijn zonder kennis van zaken.

    Liked by 1 persoon

  3. Goed geschreven en tot in detail uitgelegd. Dat die groene protesterende jongeren het nu nog begrepen krijgen is een andere zaak want velen denken dat melk uit een brickpack komt in plaats van de koe. In Belgie zijn de normen jaar per jaar strenger terwijl ze in de rest van de wereld er met de mestvork gehanteerd worden. Laat de jongeren maar eerst eens daar gaan protesteren alvorens ze hier hun stem laten horen. Waar halen ze straks hun voedsel als ze de boer moegepest hebben en hij besluit te stoppen. Maar ja zover hebben ze er wel nog niet over nagedacht laat staan een eigen tomaat gekweekt (als ze dit al kunnen).

    Liked by 1 persoon

  4. Wat een goed informatief blog heb jij! Tof dat je naast je ouders op het boerenbedrijf werkt, onze zoon van 25 twijfelt momenteel zeer sterk of hij daar zijn toekomst in kan/wil vinden. Onze dochters zitten beiden in een hele andere sector!
    Goed bezig hoor, ik blijf je volgen…

    Liked by 1 persoon

    1. Dank je wel. Ik vind wat jij blogt, de keukenrecepten met echte boerderijproducten, ook echt geweldig! Ik zit al een tijdje met het idee om “recepten met melk” als nieuwe categorie te lanceren, en ga dat binnenkort nu ook echt doen, want al dat lekkers dat je ook met melk kan maken! Over je zoon… Ik begrijp dat heel goed, vandaag de dag is het gewoon niet zo evident. Het boerenleven zelf is hard, maar iedereen die er nu ook wat wil in te zeggen hebben of er commentaar op heeft, dat maakt het nog harder. Mijn drie zussen zitten ook allen in een andere sector, maar ze helpen geregeld op de boerderij.

      Like

  5. Opgegroeid in de landbouw en nog steeds fan van ! Knap uitgeschreven – ik deel het en hoop dat dit artikel door elke Vlaming wordt gelezen én hen ertoe aanzet zelf eens na te denken hoe milieubewust ze zelf zijn. Heel gemakkelijke om de vinger naar anderen te wijzen.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s